VERSLAG: Le Guess Who? 2013 - dag 2

Naar het Le Guess Who? 2013 - dag 1 verslag
Naar het Le Guess Who? 2013 - dag 3 verslag

VERSLAG: Jasper Klomp  

Le Guess Who? 2013 dag 2

Aan Wampire de eer om vanavond voor een halfvolle Oudegracht af te trappen. Stevige indierock met een sterk psychedelische inslag, waarbij de bassdrum de ventilatoren laat trillen. Het oogt allemaal wat log en stijf bij de heren uit Portland, maar met orkaan van geluid ‘Spirit Forest’ en prijsnummer ‘The Hearse’ maken ze toch indruk.(Daniël Oostdijk)

Een oude man met een hoed schuifelt naar de microfoon. Met een vriendelijk gezicht kijkt hij de Janskerk in om vervolgens een schitterend optreden te geven. Ed Askew bracht in 1968 Ask The Unicorn, vol psychedelische folk, uit. Het zou ruim dertig jaar duren voordat er een opvolger verscheen. Begeleid door een driekoppige band zingt Askew voornamelijk werk van zijn laatste album. De Amerikaan beschikt over een heldere, bij vlagen breekbare stem en het zit qua stijl vaak tussen zingen en praten in. Hier staat een man die van muziek houdt oprechte folknummers te vertolken. Hoewel Askew niet erg ritmevast is, stoort dat alleen wanneer er een tweede stem is, zoals in opener ‘Roadie Rose’. In een door de rook nóg mooier verlichte kerk komt hij zelfs weg met een meezingmoment in ‘For The World’. Wat een prachtvent. (JK)

Le Guess Who? is een echt 'ontdekkingsfestival', maar wie zegt dat je een nieuwe band moet zijn om ontdekt te worden? Califone lijkt eindelijk wat meer voet aan de grond te krijgen en bij een groter publiek bekend te worden en dat met hun zevende album, het prachtige Stitches. In de Leeuwenbergh-kerk is het zaak dat iedereen muisstil is en de experimentele americana van de veteranen uit Chicago rustig op zich laat inwerken. Na een vrij complex eerste nummer zegt frontman Tim Rutili dat het tijd is voor “some nice songs”, waaronder het schitterende ‘Movie Music Kills A Kiss’. Nice is het optreden zeker. Califone lijkt een hoop zieltjes te hebben gewonnen.(DO)

De verwachtingen zijn torenhoog voor aanvang van het concert van Linda Perhacs. Voor wie de afgelopen weken onder een steen leefde: Perhacs bracht in 1970 een plaat, Parallelograms, uit en werkte vervolgens stoïcijns door als mondhygiëniste. Het ontging haar volledig dat er meer en meer adepten haar album omarmden, tot het label Wild Places het plan opvatte om het opnieuw uit te brengen. Begin volgend jaar zal haar tweede album verschijnen en een eerste Europese tournee brengt haar in Utrecht. Tot zover het mooie verhaal. Live blijft er weinig over van de magie van Parallelograms. Vier à vijf zanglijnen is in deze setting, waar het wat galmt, simpelweg te veel. Het gedeelte waarbij er solowerk van Perhacs’ bandleden voorbij komt heeft daar geen last van. Maar eerlijk is eerlijk, daarvoor zit je niet bij dit optreden. Daarbij is het met vijf op een rij zittende musici een statische bedoeling en is Perhacs lang van stof. Er is in ieder geval geen gebrek aan aanvullende informatie over haar muziek. Ook op Le Guess Who? kan niet alles raak zijn.(JK)

Tijdens de editie van 2011 speelde Braids in de EKKO en dat doen ze nu weer. Een album en een hoop tourervaring rijker weten ze opnieuw te overtuigen. De breekbare, dromerige stem van zangeres Raphaelle houdt knap stand en schalt soms als een sirene door de goedgevulde zaal, zonder dat het aan schoonheid verliest. Braids speelt rijk gearrangeerde indietronica. Het Canadese trio gaat er vol voor en speelt hun langere nummers tot in het ekstatische. Het eerste échte hoogtepunt van het festival is een feit.(DO)

Voordat het tijd is voor een bak psychedelische rock uit Austin, Texas, staat in de Spiegelbar een trio zich flink uit te leven. The Wytches noemen hun muziek zelf surf doom en daar zit wel wat in. De gitaarlijnen zijn erg sixties en daar zit een stevig kader om. Met een aanstekelijk enthousiasme knallen ze het ene na het andere pakkende liedje de zaal in, zonder daarbij grootse muzikale prestaties aan de dag te leggen. Een pretentieloos en smakelijk tussendoortje.(JK)

Van ambient via dub naar psychedelic rock: Matthew Barnes a.k.a. Forest Swords draait er zijn hand niet voor om. Samen met een bassist zorgt hij voor slopende drones, afgewisseld met verdacht dansbare beats. Er hangt een mystiek sfeertje, iets wat wordt versterkt door de abstracte projecties. Barnes zoekt de grenzen van het ontoegankelijke op en laat de vloer letterlijk trillen.(DO)

Tijdens het ruime uur The Black Angels in de Oudegracht is er een opvallende ontwikkeling in het publiek te zien. Bij de meesten begint het met meeknikken, maar bij afsluiter ‘Young Men Dead’ zit er veel meer beweging in. Het is een juiste afspiegeling van het hoge niveau dat de Amerikanen halen. Drumster Stephanie Bailey zorgt voor de zompige onderlaag, waarop het viertal voor haar kan doen wat het wil. The Black Angels galmen er lustig op los met vreemde gitaareffecten, toetsen en een goed zingende Alex Maas. Maar eigenlijk zijn er geen blikvangers. Dit is een vijfkoppig rockmonster. De psychedelische projecties maken het ook nog eens leuk om naar te kijken. Aan deze uiterst solide formatie hoeven niet meer woorden vuil gemaakt te worden.(JK)

Na een tijdje tevergeefs in een propvol ACU te hebben gewacht op No Joy, is het tijd om naar De Helling te trekken, waar het programma behoorlijk is uitgelopen. Dit bood de kans om het Franse Magnetix nog mee te pakken, op de door Ty Segall gecureerde avond. Waar Segall zelf een semi-akoestische renditie van zijn laatste plaat ten gehore bracht, razen de garage punkers als een sloopkogel door de enthousiaste zaal. Scheurende gitaarriffs en een uiterst krachtige stem maken Magnetix ongeschikt voor de gevoelige oortjes.

En stevig zou het de rest van de avond blijven in De Helling. Mede-Fransozen J.C. Satàn tappen uit een ander vaatje, maar laten qua muur van geluid niets te wensen over. Ze pakken het iets psychedelischer aan en het is minder puur raggen, maar een bak herrie blijft het. De puur instrumentale stukken zijn echter veruit het sterkste, waardoor je de stem van de opvallende zangeres best een stoorzender zou kunnen noemen.

De suis in de oren is al aanwezig, aan Jacuzzi Boys de taak om het af te maken. Ze slagen met vlag en wimpel. De lo-fi garage rock van hun toegankelijke platen is live bijna onherkenbaar. De (live)stem van de zanger is niet al te sterk, maar who cares: wat een snelheid, wat een energie. De mannen uit Miami maken een sterke indruk en slopen wat er nog over was van die arme Helling.(DO)

En dan lieten we festivalfavoriet Ty Segall nog schieten. Het was ons het dagje wel.

FOTOGRAFIE: Tim van Veen  

12  
Total Heels foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 Total Heels foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 Total Heels foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 Total Heels foto Le Guess Who? 2013 - dag 2  foto Le Guess Who? 2013 - dag 2  foto Le Guess Who? 2013 - dag 2  foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 Ty Segall foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 Ty Segall foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 White Fence foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 White Fence foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 White Fence foto Le Guess Who? 2013 - dag 2 White Fence foto Le Guess Who? 2013 - dag 2  foto Le Guess Who? 2013 - dag 2  foto Le Guess Who? 2013 - dag 2
 
12  
 
festival logo

LE GUESS WHO? 2013 - DAG 3Het einde is gelukkig nog niet in zicht. Lees hier het verslag van dag 3 met...

Le Guess Who Logo

LE GUESS WHO? 2013 - DAG 1 Le Guess Who? is in de loop der jaren een begrip geworden op het gebied van...