VERSLAG: London Calling 2013 #2 - Dag 1

Naar het London Calling 2013 #2 - Dag 2 verslag

VERSLAG: Mabel Zwaan  

London Calling

Sinds Moke heeft geen Nederlandse band meer het London Calling podium betreden, maar Taymir doet het even. Ook scoren ze, twee uur voor aanvang, even de titel ‘3FM Mega Hit’ met hun nummer ‘Aaah.’ De jonge Hagenezen komen woorden tekort om uit te drukken hoe het voor hen voelt, maar die woorden zijn niet nodig. Nerveus, maar toch blij (vooral de drummer), spelen ze hun lekkere pakkende Beatleske indie nummertjes en vullen de zaal met hun energie. Met dit optreden stoten ze tal van Nederlandse indierock bands van de troon, van Taymir zijn we nog láng niet af.

Niet te verwarren met een vampire (al heeft de toetsenist er griezelig veel van weg.) Een Wampire is een man met een veel te groot bloesje en een skinny jeans die bijzonder muzikaal is. Het publiek staat nog enigszins onwennig met zijn hoofd te knikken op de maat van de muziek maar Wampire doet z’n best, en doet het goed. Halverwege doet de bebaarde zanger een lange Psychedelische solo, een nummer later een solo met z’n tanden. Wampire staat er, en na de tekst ‘’Oké, one more’’ weet ook het publiek hoe er met de muziek omgegaan hoort te worden. In de kleine zaal van Paradiso wordt een krappe drie minuten uitbundig gedanst en gesprongen.

Twee gigantische synthesizers/keyboards, een uitgebreid drumstel ernaast, een Tim Knol look-a-like, een verwilderde Blaudzun en een man die ouder lijkt dan je zou verzinnen bij de muziek van Porcelain Raft. Zij vullen het grote podium van Paradiso. Vorig jaar stonden ze er ook, bij hetzelfde festival, op dezelfde dag. Alleen dit jaar als opener, en ze openen met een dromerig nummer. Een nummer later komt er een gitaar bij, bij het derde nummer wordt er een basgitaar opgepakt. Verder in het concert worden er nog een mondharmonica, een sambabal en een tamboerijn uit de Porcelain Raft doos getoverd. Het laatste nummer is knetterhard, hier heeft de band naar toegeleefd. Dat is duidelijk. Toch was het hele optreden, ondanks de vele foefjes, ronduit oninteressant.

Met een a capella momentje begint de rasmuzieknerd Dan Croll zijn London Calling optreden. Wat volgt zijn schattige, poppy dansnummers. De grote zaal van Paradiso is voor het eerst op de avond enigszins gevuld en het publiek beweegt heupenwiegend langs het podium. Croll pakt ze allemaal in. Een gitaar, een shaker, een tamboerijn het past allemaal bij zijn heldere stem geluid. ‘’Keep up the dancing, you guys are good at dancing!’’ En dat doen we, zijn échte fans dansen om het hardst en dan is zit het er weer op. Hij nodigt heel Paradiso nog even uit voor een biertje en verdwijnt dan weer van het podium.

Ball Park Music lijkt zo uit een willekeurige middelbare school geplukt te zijn. De band staat, inclusief bloemetjeslegging, beugel en honkbalpet, enigszins nerveus op het grote podium. Hun rockende harde intro’s veranderen elk nummer razendsnel in zoete popnummers en het geheel lijkt niet te kloppen. Ondanks dat de lyrics onverstaanbaar waren weet je dat het al eens eerder is gedaan. Maar, zowel de band als het publiek had in ieder geval plezier. Dat is ook wat waard.

Met een verbaasde blik naar de overige bandleden stapt de drummer van Circa Waves het podium op. Alsof ze nog nooit eerder in een propvolle zaal hebben gestaan. Ze zouden het toch wel gewend moeten zijn nadat ze door NME uitgeroepen waren tot ‘hottest band on the planet.’ De verwachtingen zijn dan ook hoog gespannen maar die maken deze typische, enthousiaste indiejongens ruimschoots waar. Al na het eerste nummer verliezen de gitarist, drummer en bassist zich totaal in de muziek. De leadsinger blijft nog even met beiden puntschoenen op de grond, maar na het vierde nummer vol pakkende rockriffjes gaat ook die op in een solo waarbij hij ongemakkelijk tegen de dansende bassist aanstoot. ‘’This song is called Fossils’’, verteld de frontman, waarna de drummer moet lachen. ‘’O no it’s not, this song is called Catched my Breath!’’ Bij de daadwerkelijke ‘Fossils’ ontstaat er een moshpit in de kleine zaal van Paradiso. Een hoogtepunt van London Calling? Absoluut.

Twee van de drie Dodo’s zijn dan wel ouder dan de gemiddelde indierocker maar doen eerder aan een stel gieren denken. Vooral de zanger, met zijn hoge schouders en spitse neus. Maar genoeg over vogels, laten we het over de krachtige drumriffen en de vage ritmes hebben. Want terwijl de wild heen en weer bewegende Meric en zijn Dodo JR Keaton Snyder strak spelen en elk nummer, ook die beginnen met een akoestische gitaar, omzetten in een rocknummer raakt het publiek toch langzaam verveeld. Na een nummer of drie, die elk rond de vier minuten duren, raakt men in een sleur. De vage ritmes kabbelen de volledige nummers door voort en ondanks het goede spel wordt het na een kwartier inderdaad wat saai. Niettemin een erg goede band.

‘’Please forgive me, my voice is a bit crappy tonight. But who gives a fuck!’’ Mac Demarco, de Canadeze hillbilly, zet vervolgens één van zijn bekendere nummers ‘Cooking Up Something Good’ in en zet meteen de toon voor de rest van zijn gig. Zijn tong hangt uit zijn mond en doet alsof hij maar wat doet, maar hij weet precies waarmee hij bezig is. Mac en z’n wannabee hillbilly’s maken het publiek gek. Nummer na nummer kondigt hij aan met een zware stem en een stoere blik, waarna hij in de muziek weer de hoogte inschiet. Paradiso golft van de dansende Mac Demarco fans. Moshpits, crowdsurfers, Mac Demarco en zijn muziek doen het allemaal. Ook is de band bij verre niet vies van covers. Demarco imiteert Eric Clapton, de gitarist doet al in het publiek hangend Limp Bizkit en de bebaarde bassist neemt The Beatles op zijn rekening. Bij Still Together zet hij zijn gitaar weg en bij de hoge tonen merken we zijn crappy stem pas echt op. Een fan klautert het podium op, trekt zijn shirt uit en duikt het publiek in. De volgende fan rolt en danst en doet een slap aftreksel van een moderne dans. Mac Demarco verlaat deze madness in een crowdsurf en de danseres verlaat het podium in een oncharmante lift in de armen van een bewaker. Een ongeorganiseerd zooitje, maar dat is de charme. Niemand kan zo heerlijk crappy zijn als Mac Demarco, een London Calling optreden om nooit te vergeten.

FOTOGRAFIE: Gertjan van der Loo  

12
Taymir foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Taymir foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Taymir foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Taymir foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Wampire foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Wampire foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Wampire foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Porcelain Raft foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Porcelain Raft foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Porcelain Raft foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Young Husband foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Young Husband foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Young Husband foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Dan Croll foto London Calling 2013 #2 - Dag 1 Dan Croll foto London Calling 2013 #2 - Dag 1
 
12
 
festival logo

LONDON CALLING 2013 #2 - DAG 2Voor de tweede keer dit jaar strijkt London Calling neer in de grote en...

festival logo

LET'S GET LOST 2013 Het indiefestival Let's Get Lost vond voor de 2e keer plaats. Dit festival...